Je bent hier: Hoofdpagina Over de fotograaf


Ik ben Harald Edens en fotografeer bliksem, wolken, optische verschijnselen, astronomie en allerlei andere weergerelateerde en wetenschappelijke onderwerpen. Gemiddeld gebruik ik een of twee rolletjes film per week (ongeveer 80 films per jaar), en mijn fotografiepassie neemt een boel van mijn vrije tijd en geld in beslag.

Ik raakte voor het eerst in het weer geďnteresseerd toen ik 12 of 13 jaar was, en sindsdien is die interesse gestaag gegroeid. Ik wil geen enkel soort interessant weersverschijnsel missen, indien mogelijk, dus ik kijk erg vaak om mij heen en naar de lucht. Mijn weerfotografiepassie bestaat veelal uit waarnemen, lezen, fotograferen en het bijhouden van deze site. Deze site helpt mij enorm om geďnteresseerd te blijven in wat ik doe - het forceert me om gestructureerd te blijven met de fotocollectie en het helpt mijn motivatie.

De meesten klagen over het weer, zoals wij Nederlanders heel goed weten! Het is of te koud, te heet, het regent aldoor, de lucht is grijs enzovoorts. Wel, ik klaag nooit over het weer! Ik ben verguld met het feit dat ik elk soort weer mooi vind.... ik heb altijd wel iets om te zien of fotograferen, welk soort weer het ook is. Daar komt nog bij dat het weer natuurlijk niet te voorspellen is, zeker niet op de langere termijn, dus er is altijd wel een verrassing.

Waar komt mijn obsessie vandaan: eerst, de bliksem!

Kansas (USA), Juni 2000
wolk-aarde bliksem

Hoe mijn hobby precies begon weet ik niet echt. Ik denk dat het begon met bliksem. Ik herinner mij nog heel goed hoe ik als kleine uk doodsbang was voor onweer. Ik kan mij ook nog herinneren dat altijd bij onweer om voor mij onbegrijpelijke redenen de antennekabel uit de TV in de woonkamer moest. Die losse kabel op de vloer zie ik nog levendig voor me, en dan het gebrul van de donder... heel eng allemaal.

Op een dag, toen ik wat ouder was, maar nog geen tiener, stelde mijn moeder mij en mijn zus voor om samen een onweer te gaan bekijken, het was overdag. Ik had daar weinig zin in, maar ze haalde me over. Binnenshuis is het toch veilig.

...FLITS!

Mijn zus zag een bliksemkanaal, en ze zei dat het op een soort bloem leek, die snel vanaf de grond omhoog bewoog. Ik had alleen maar een felle flits gezien, want ik keek in een andere richting. Ik had die bliksem ook moeten zien, waarom zij wel en ik niet! Net als het roomijs, dat in haar bord altijd meer leek dan in het mijne, was dit niet eerlijk. Bovendien, de bliksem komt toch uit de wolk, of wat. Dit vroeg om nader onderzoek.

Ik besloot de volgende keer bij onweer zelf te gaan kijken of ik ook bliksems kon zien. Toen het volgende onweer zich aandiende, lange tijd later, geloofde ik nog niet dat het binnenshuis echt veilig was. Ik was een echte keraunofoob - een persoon bang voor onweer!

Luchtspiegeling bij de zon gezien
boven het Markermeer

Maargoed, ik denk dat ik een mooie bliksem zag, en ik vond dat zo mooi eruit zien dat ik terstond mijn angst vergat en me af vroeg of dit ook te fotograferen was. Mijn vader en moeder doen aan fotografie, dus het huis lag vol met camera's.

Daarna wolken en de zonsondergang...

Bliksem viel te fotograferen, maar het was duivels lastig, en ik probeerde vele malen om een mooie foto van bliksem te maken. Intussen was ik ook geďnteresseerd geraakt in andere weers- verschijnselen. Eerst wolken, want ik begon toen met zweefvliegen (rond mijn 16de) en ik moest wat meteorologie leren.

Zonsondergangen hebben mij altijd wel geboeid, omdat deze soms zo mooi zijn. Toen ik zonsondergangen begon te fotograferen was er zeker een periode van grote vulkaanuitbarstingen, want de zonsondergangen die ik mij herinner waren buitengewoon diep gekleurd.

Optische verschijnselen...

Buitengewoon haloverschijnsel
11 Juni 1994
met de zeldzame Wegener boog

In 1994, ik was toen 16, kreeg ik een zeer zeldzaam haloverschijnsel te zien. Op een zonnige namiddag in Juni riep mijn vader me en zei dat er een vreemd soort vliegtuig-condensstreep in het oosten hing. Ik keek uit het raam en zonder te weten wat het precies was, racete ik naar beneden en naar buiten. Het was een stukje parhelische ring. Nu is de parhelische ring niet zo zeldzaam - maar er waren vele andere halo's en bogen, elkaar kruisend, de lucht scheen bezaaid met halo's. Ik had nog nooit zoiets gezien. Al deze halo's waren mij onbekend (bijvoorbeeld de zeldzame Wegener bogen die de parhelische ring kruisten tegenover de zon).

Toen ik naar de zon keek, zag ik meer mij onbekende halo's. Ik kan me niet herinneren dat er een 22-graden halo was, een van de meest algemene, maar andere vreemde vormen (misschien waren het Lowitzbogen boven en beneden de zon, of de bovenraakboog was zeer indrukwekkend - ik weet het niet meer).

Haloverschijnsel, 26 Mei 1999
zeldzame halo's door
pyramidevormige ijskristallen

Ik had een stuk of 10 foto's gemaakt met een compactcamera. Ik had deze foto's voor een lange tijd, en vanaf 1997 waren ze online op mijn vroegere website over weerfotografie. Op een gegeven moment kreeg ik een email van twee ervaren waarnemers uit Duitsland die mij wezen op de zeldzame Wegener boog. Ik wist niet dat die zeldzaam was, en de foto's waren voor mij niet veel meer dan een curiositeit. Het maakte me geďnteresseerd in het onderwerp halo's, dus begon ik wat boeken erover te lezen, om te zien wat er allemaal voor kan komen en hoe zeldzaam de vele verscheidene halo's zijn.

Die email kwam rond Maart of April 1999, als ik mij goed herinner. Die maand begon mijn obsessie voor optische verschijnselen (de verzamelnaam voor haloverschijnselen en andere lichtverschijnselen). Stomtoevallig, in Mei 1999, zag ik een ander zeer zeldzaam haloverschijnsel. Ik liep in Amsterdam bij de Universiteit van Amsterdam, in de Roeterstraat, en bewonderde de felle en complete 22 graden halo. Toen ik langs een gebouw liep, was de zon van het gezicht onttrokken, en ontdekte ik een 9 graden halo, die zeer duidelijk was. Er was ook een 18 graden halo. Deze halo's ontstaan in pyramidevormige ijskristallen, die wel voorkomen maar vrijwel nooit in grote getale. Gelukkig had ik die morgen na enig nadenken besloten mijn zware spiegelreflexcamera toch maar mee te nemen naar Amsterdam, dus die zat in mijn tas, en ik maakte een groot aantal foto's, mij ondertussen op weg naar huis begevend om meer film en lenzen te halen (90 minuten reizen). Na deze dag was mijn passie voor optische verschijnselen definitief een feit! Het is fantastisch om zo geobsedeerd met zo'n hobby te zijn dat het je niet uitmaakt dat het hele bierdrinkende caféterras je geamuseerd gadeslaat terwijl je opgewonden de lucht staat te fotograferen.

Over mijn woonplaats

zonsverduistering
11 Augustus 1999
gezien in Bulgarije

Voordat ik tijdelijk naar de VS verhuisde voor promotieonderzoek, woonde ik in het boerendorp Wijdenes, in Nederland. Dit dorp ligt tussen Hoorn en Enkhuizen aan het Markermeer. Wegens dit meer is Wijdenes niet de meest optimale plaats in Nederland voor een bliksemfotograaf - wat mij vermoedelijk hielp om interesse op te bouwen in andere weersverschijnselen. Zoals we allemaal weten is het weer in Nederland en omstreken wel zeer gevarieerd. Allerlei weersverschijnselen komen hier voor, zoals bliksem, poollicht, lichtende nachtwolken, groene flits bij de ondergaande zon, sneeuw, noem maar op.

Gebarsten modder
(resultaat van een buienjacht
zonder buien)

In Augustus 2002 verhuisde ik naar de VS voor promotie- onderzoek in... bliksem. Juist dat onderwerp, wie had dat gedacht! Ik woon nu in een klein stadje in centraal New Mexico, een van de zuidwestelijke staten van de Verenigde Staten, en hoewel ik niet zoveel optische verschijnselen zie als vroeger in Nederland, zit ik wel in een van de plaatsen in de VS die geheel zonder lichtvervuiling 's nachts zijn. Het is voor mij gemakkelijk om de woestijn in te gaan, weg van de grote steden, en astronomie te bedrijven. De nachten zijn meestal helder hier, het is hoog (1,5 km boven zeeniveau), en het zodiakaallicht en het oppositielicht zijn zeer goed zichtbaar. Sterker nog, de lucht is soms zo schoon dat alle foto's groen worden wegens het ionosfeerlicht in plaats van geel wegens het stadslicht.

Daarnaast is er hier een soort moesson, 's zomers. Dat is in Juli en Augustus, wanneer de stroming zuidelijk is en vochtige lucht over de woestijn brengt. Het is dan heet, rond de 35 tot 40 graden, en dat levert spectaculair onweer op. De bliksems in zulk soort buien zijn relatief gemakkelijk te fotograferen, want het is evengoed relatief droge lucht dus de buien hebben een hoge wolkbasis.

Andere hobbies

Noorderlicht
Wijdenes, April 2001

Behalve het waarnemen en fotograferen van weer doe ik wat aan electronica. Ik heb een aantal electrostatische luidsprekers gebouwd, naar het welbekende boek van de heer Fikier. Ik ben ook enthousiast met radiobestuurbare vliegtuigen, het bouwen van plastic vliegtuig- modellen, schilderen met olieverf, en tekenen. Al deze activiteiten staan in de ijskast momenteel wegens gebrek aan tijd en geld. Bovendien is niet al het materiaal hier bij mij.

Ik hou ook van het experimenteren met wetenschappelijke projecten, zoals het ontwerpen en bouwen van een tornadomachine. Mijn eerste project, een 1 meter hoge tornado generator, is beschikbaar op deze site als een project. Mijn nieuwste generator die ik in Februari 2005 bouwde is 2,2 meter hoog, en daarvan hoop ik binnenkort ook een bouwhandleiding online te zetten. Verder ben ik momenteel bezig met diverse projecten zoals een diffusiekamer voor het groeien van ijskristallen, Schlieren fotografie, het maken van een analemma, en het bouwen van een Van de Graaff generator.

Rijp op ruitenwisser
(het groeien van ijskristallen was
een van de weinige dingen die
mijn eerste auto betrouwbaar kon
doen)

Films ontwikkelen

Ik ontwikkel zelf mijn films, vroeger in de donkere kamer die mijn vader in het huis had gebouwd. Nu ik in de woestijn zit in een huurhuis moet ik het stellen met een gootsteen en een donkere bezemkast met alle zwarte weduwen van dien. Maar het werkt! Zelf films ontwikkelen heeft vele voordelen boven het laten ontwikkelen door een lab, iets waar ik van gruw. Er zijn zoveel mogelijke manieren waarop een lab de opnamen kan beschadigen, zoals krassen, vingerafdrukken, filmstroken verkeerd doorsnijden (door de foto's zelf heen), of zelfs geheel de opnamen vernielen door vergissingen bij het ontwikkelen of het verwisselen met iemand anders' bestelling. Ik vermoed dat die andere persoon het wel best vindt als mijn bliksemfoto's met die van Pim en Mien's visite verwisseld worden.

Zelf films ontwikkelen is daarnaast goedkoper, vaak sneller (Ja! - Je hoeft de deur niet uit) en zeker veiliger dan het door een lab te laten doen. Maar het is niet zozeer gemakkelijk. Hoe dan ook, op den duur is dit hopelijk toch verleden tijd wanneer alles digitaal is - iets dat ik voor sommige soorten fotografie kan aanbevelen maar zeker nog niet voor alle weerfotografie.

Studie aan de UVA

Na mij op de één of andere manier door het Gymnasium geworsteld te hebben begon ik in 1996 met een studie natuurkunde aan de Universiteit van Amsterdam. Deze studie begon op een maandagmorgen met een gortdroog college lineaire algebra, dat voor mij als een tang op een varken sloeg. Dat kan ik mij nog goed heugen. In de jaren daarna was ik over het algemeen verveeld met de natuurkunde- en wiskundecolleges die ze daar gaven en scoorde ruim onder mijn vermogen, hoewel ik er altijd van genoot om buiten in de natuur te zijn, te fotograferen en na te denken over natuurkunde in het vrije veld. De echte natuurkunde leek op een bord met spaghetti voor me. Ik miste duidelijk de basis, en ook handigheid in wiskunde, dat voor natuurkunde vereist is.

Dit was voornamelijk wegens de manier waarop natuurkunde onderwezen werd, op een voor mij nogal droge en theoretische manier. Pas toen ik met mijn eerste interne stage begon, die over magneto-optica ging, begon ik mij te vermaken, want die stage en de latere colleges waren veel praktischer en leerzamer voor mij dan de colleges in de beginjaren. Theoretische wiskunde en natuurkunde is voor mij nu geen probleem meer, omdat ik nu weet waar ik het in moet passen.

In 2000 ging ik naar het New Mexico Institute of Mining and Technology (NMIMT) in New Mexico in de VS, voor 6 maanden. Dit deed ik om een tweede stage te doen over onweer. Het was bij mijn studie natuurkunde aan de UVA een optie om na de eerste interne stage een externe stage te lopen voor 6 maanden buiten de universiteit, dus die gelegenheid greep ik aan. Ik moest wel vrijwel alles zelf betalen. Na mijn hele leven bij mijn ouders gewoond te hebben, ben ik in mijn eentje naar de VS gereisd en heb die stage voltooid. Het was de moeite en het geld zeker waard, zo bleek later, want ik besloot later (in Mei 2001) om weer terug naar NMIMT te gaan na mijn studie bij de UVA afgerond te hebben.

Studie aan NMIMT

Mijn prestaties veranderden spectaculair na de zomer van 2001, door een aantal ontwikkelingen. Eén daarvan was mijn besluit om te gaan promoveren in atmosferische natuurkunde aan New Mexico Tech, waar ik voor mijn stage geweest was. Eindelijk had ik een doel waarnaar ik naartoe kon werken!

Mijn studie hier aan NMT is een wereld van verschil met die aan de UVA. De colleges zijn veel minder bevolkt en interessanter, duren niet de hele dag, en ik woon nu dicht bij de universiteit. Ik heb een eigen office dat uitkijkt op het zonnige zuiden en de bergen. Voor alle colleges tot nu toe (ik moest voor nog twee jaar wis- en natuurkundecolleges volgen als gedeeltelijke eis voor het halen van een PhD) heb ik een A gehaald, en ik kan nu eindelijk trots zijn op mijn academische prestaties.

Het onderzoek waar ik aan meewerk gebeurt bij Langmuir Laboratory, het lab op de top van het Magdalena gebergte, dat vroeger wel eens op Discovery Channel te zien was, waar ze raketten afvuurden om bliksem te triggeren. Dat triggeren wordt inmiddels niet meer gedaan.

Voorbeeld van LMA beeld van bliksem.
De tijd is gecodeerd in kleur: blauw
is vroeger en rood is later in tijd.
Linksonder is het bovenaanzicht,
rechtsonder en linksmidden zijn de
zijaanzichten, boven is hoogte-tijd.
De rode lijn door het hoofdbliksem-
kanaal is een zogeheten dart-leader,
een tweede ontlading door het kanaal
van de bliksem. Het hele ontladings-
proces duurde ongeveer een seconde,
en strekte zich uit over een gebied
van ca. 12 bij 15 kilometer.

Ik werk aan het Lightning Mapping Array (LMA), dat bestaat uit 12 radioontvangers die verspreid rond en op de berg zijn en het gepulste radiosignaal van bliksem opvangen. Elk station detecteert die signalen met een tijdnauwkeurigheid van 40 nanoseconden (0.00000004 seconde). Door van alle 12 stations al die tijdwaarden te analyseren, kan (uit de juiste combinatie van tijdwaarden, die aanvankelijk onbekend is!) de bron van het radiosignaal vastgesteld worden in tijd en driedimensionale ruimte. Een bliksemontlading bestaat uit duizenden van die bronnen, elk afkomstig van een stukje van het kanaal, dus door alles in een diagram te plotten ontstaat de vorm en het beeld van de bliksem in de buienwolk.

De resultaten hiervan vertellen heel wat over de structuur van positive en negatieve electrische lading in de onweersbui, en dat helpt ons onder meer begrijpen hoe onweer ontstaat.

Het analyseren van die tijden is een zeer lastig en tijdrovend karwei, en bestaat voornamelijk uit het met de computer slim kiezen van willekeurige tijdcombinaties tussen de 12 stations, en proberen daaruit oplossingen te vinden. Dit kan voor de hoogste tijdresolutie vele uren kosten op een snelle computer voor een enkele bliksemontlading die een fractie van een seconde duurt. Het schrijven van de derde-generatie software daarvoor is een van mijn hoofdtaken hier, en daar ben ik inmiddels vrijwel mee klaar. Het kost veel tijd, maar de resultaten zijn vaak spectaculair. Daarbij komt dat het LMA van NMIMT de meest nauwkeurige bliksem-interferometer is die momenteel bestaat. Alle resultaten die we zien zijn nieuw en uniek!

's Zomers zit ik meestal op de berg in Langmuir Laboratory, in een uitkijktoren die fungeert als Faraday-kooi om het onweer te bekijken en te controleren of de verscheidene detectiesystemen werken. Bliksem heeft de neiging electronica uit te schakelen, en dat moeten we zien te voorkomen of herstellen.

Ik hoop rond 2008 te promoveren, hoewel ik niet bepaald haast heb om het af te krijgen, want ik heb nu de tijd van mijn leven: veel vrijheid, en een prachtig gebied wat mijn fotografiehobby betreft. Ik ben de laatste student van mijn begeleider, professor Paul Krehbiel, die inmiddels een begrip is geworden in bliksemonderzoek. Het is voor mij een grote eer om hem als begeleider te hebben.

En dat begon allemaal met die enge antennekabel die altijd uit de TV moest bij onweer!

Plannen voor deze site

Voor wat betreft deze site, heb ik het plan om deze online te houden en uit te breiden met meer foto's en informatie over het weer en fotografie. Ik wil de site populair-wetenschappelijk en informatief houden, zodat het een nuttige bron van informatie is voor anderen met soortgelijke interesses. Ondertussen ben ik langzaam maar zeker bezig nieuwere foto's online te plaatsen, die ik in de laatste jaren heb gemaakt. Ik gebruik tegenwoordig Nikon camera's en lenzen en de kwaliteit daarvan is veel hoger dan die van de camera's die ik in de negentiger jaren gebruikte.

Ik hoop dat je deze site waardeert en dat het een bron van zowel informatie als inspiratie voor je zal zijn en blijven. Hoewel ik meestal behoorlijk veel werk heb aan mijn promotieonderzoek probeer ik de site bij te werken en mijn email bij te houden voor zover ik kan. Veel plezier met het bekijken en het zelf waarnemen van alle verschijnselen!

Harald Edens
24 November 2005